wedstrijd

Schrijfwedstrijden

eerste prijsHet zal je wel opgevallen zijn: ik doe vaak aan schrijfwedstrijden mee. Regelmatig hoor ik: ‘Jij wint altijd’. Laat ik iedereen gelijk uit die droom helpen: heel vaak haal ik geen prijs of nominatie, maar ik bericht natuurlijk vooral over de positieve resultaten!

De belangrijkste reden voor mij om mee te doen aan wedstrijden, is om aan het schrijven te blijven. Beter schrijven leer je vooral door het veel te doen. Maar ik vind het lastig om voor mezelf te gaan zitten schrijven. Waar begin ik? Waarover? Een wedstrijd heeft vaak een thema en ook niet onbelangrijk: een deadline. Als een verhaal voor een bepaalde datum af moet zijn, heb ik tenminste een stok achter de deur.

Verder is deelname aan wedstrijden een goede manier om te zien of je verhalen van een goed niveau zijn. Hoewel de selectie door een jury een subjectief gebeuren blijft, kun je wel aannemen dat je goed schrijft als je regelmatig geselecteerd wordt.

bookWel is het zaak het kaf van het koren te scheiden, want in principe kan iedereen een schrijfwedstrijd organiseren. Het blijft mensenwerk, en de één neemt het serieuzer dan de ander. Zo heb ik al weleens in een bundel met een lelijke voorkant en vol spel- en typefouten gestaan. Zonde, maar dan weet ik dat ik aan hun volgende wedstrijd niet meer mee hoef te doen.
Gelukkig zijn er ook heel veel goed georganiseerde wedstrijden, met aandacht voor de verhalen en de schrijvers.

 

Ten slotte blijft het natuurlijk altijd spannend, wachten op de uitslag. Zo was ik gisteren teleurgesteld dat mijn verhaal niet de bundel heeft gehaald van Schrijfatelier Alicia, dat vorig jaar wel mijn verhaal opnam, en daar een mooie bundelpresentatie bij organiseerde.
En op dit moment zit ik in spanning te wachten op de shortlist van de Insomnia wedstrijd van LetterRijn. Mijn verhaal heeft de longlist van 67 verhalen gehaald, daar ben ik al heel blij mee. Maar daar wordt nog de helft uit geselecteerd voor de bundel! Duim je voor me?

Update 5 juli: Ja, mijn verhaal is geselecteerd voor de bundel Insomnia! Bedankt voor het duimen!

 

Intussen in het Boekenhoekje

Het is alweer de laatste week van November, tijd voor een NaNoWriMo update. Mijn verhaal Het Boekenhoekje zit inmiddels op 40.000 woorden, keurig op schema dus om aan het eind van de maand 50.000 woorden te halen!

Ten eerste mijn hartelijke dank voor de suggesties tot nu toe. Er gebeurt al van alles in Gina’s boekenwinkel Het Boekenhoekje. Ik heb nog een aantal ideeën om uit te werken, maar kan nog wel wat gebeurtenissen gebruiken om de uurtjes op het midden van de dag op te vullen. Dus suggesties zijn nog steeds welkom!

Intussen heb ik als achtergrond voor mijn hoofdpersoon Gina twee korte verhalen geschreven, die – niet geheel toevallig – in de thema’s passen van twee schrijfwedstrijden op Monument Of Life. Lees ze via de links hieronder, en jawel, je mag stemmen. (bloemen aan de linkerzijkant)

Voor de eerste wedstrijd Een Zomer om Nooit te Vergeten plaatste ik het verhaal Omslag.

Voor de tweede wedstrijd De Laatste Keer plaatste ik het verhaal In de Ban van het Boek.

En als je nog niet uitgelezen bent over Gina, ook op 120w heb ik een aantal verhaaltjes over haar geplaatst, natuurlijk elk in precies 120 woorden.
Lees hier Absorberend Vermogen, Retour, Onbewust Bereikt en Vriendinnetje.

 

 

Delfts sprookje

Op 7 september 2013 is het de Delftse Dag van het Schrijven. Elk jaar tijdens de Week van het Schrijven organiseert de VAK (Vrije Academie voor de Kunsten) deze dag vol schrijfactiviteiten. Daarbij hoort ook de schrijfwedstrijd, waarin ik vorig jaar de tweede prijs behaalde met mijn dialoog Er was eens inspiratie. Dit jaar was het thema Delftse Dingen. Mijn inzending haalde geen nominatie, dus kun je mijn sprookje nu hier lezen.

Glazen Hart

Er was eens een meisje met blauwe haren. Ze heette Lila en kon uren bij de rivier zitten. Haar zusjes hielden niet van het water, dus kon Lila daar ontsnappen aan de drukte van haar familie.

Op een dag zat ze weg te dromen bij de zonnestralen die met het water mee dansten. Een zomers briesje deed haar blauwe haren wapperen. Ineens werd haar rust verstoord door een jongen die uit het bos kwam lopen en zomaar naast haar kwam staan. Ze keek op, maar omdat de zon van achter hem kwam, zag ze alleen een silhouet.
‘Mooi is het hier, hè?’ klonk zijn stem.
Lila haalde haar schouders op en keek weer naar het water. De jongen trok zich daar niets van aan en ging naast haar zitten.
‘Ik zie je hier elke dag zitten.’
‘Heb je me begluurd?’ vroeg Lila scherp, terwijl ze hem eindelijk aankeek. Heel even merkte ze zijn donkere krullen en ogen op, maar toen ging haar blik naar zijn borst. Daar was een hartvormige bult te zien, die een zwak licht uitstraalde. Lila kon haar ogen niet afwenden. Het leek alsof zijn hart uit zijn borst probeerde te springen.
‘Wat is er met je hart?’ vroeg ze.
De jongen haalde zijn schouders op. ‘Het doet al een paar dagen zo.’
‘Doet het pijn?’ vroeg Lila bezorgd.
‘Nee, nu niet. Soms wel.’
Lila vond het maar vreemd. Ze was opgelucht toen hij even later weer opstapte.

(meer…)

Kort verhaal: De verzorger

Uitgeverij LetterRijn organiseerde de wedstrijd Tales of the Unexpected, voor verhalen in de stijl van Roald Dahl. Er waren 237 inzendingen! Daaruit werd een longlist van 64 verhalen gemaakt, waar mijn verhaal bij zat! Mijn verhaal haalde niet de shortlist van 30 verhalen, die in een bundel gepubliceerd worden. Daarom kun je hier mijn verhaal lezen. Wees gewaarschuwd, het is een lange…

De Verzorger

Vijfendertig jaar waren ze al getrouwd. En elk van die vijfendertig jaren was hun leventje iets gewoner en saaier geworden. In de beginjaren gingen ze elk weekend uit en nam meneer Lakema zijn vrouw wel eens spontaan mee naar een restaurant. Na een tijdje kwamen ze alleen nog in een restaurant op hun trouwdag, omdat mevrouw Lakema daar de week van te voren elke dag naar hintte. Maar de laatste tijd ging hun trouwdag steeds ongemerkt voorbij. Na vijfendertig jaar ging elke dag ongemerkt over in de volgende. Of ze precies vijfendertig jaar getrouwd waren, wist ook niemand zeker, maar zo ongeveer moest het zijn.

Mevrouw Lakema had er een gewoonte van gemaakt zich buitenshuis te vermaken. In de loop der jaren had ze zich aangesloten bij een kaartclubje, een leesclubje en een breiclubje. Eigenlijk zaten in elk van die clubjes dezelfde vrouwen, dus het was gewoon één clubje dat op verschillende weekdagen steeds een andere hobby bezigde tijdens hun gebabbel.
Het beviel meneer Lakema wel dat zijn vrouw meestal van huis was, zolang ze maar op tijd kwam om voor het eten te zorgen. Zo kon hij lekker de hele dag in en om het huis rommelen, zonder interesse te veinzen in de roddelpraat van zijn vrouw.

(meer…)

Monuments of Life


Er is een nieuwe bundel uit met een verhaal van mij! Dit keer een dun boekje, 50 pagina’s, met mooie verhalen, gedichten en illustraties.

Het is de tweede bundel van monumentoflife.com, een website waar schrijvers ‘verwoorden wat het leven mooi, waardevol, intens en bijzonder maakt’.

 

Op de website zijn meer bijdragen te lezen.
In deze bundel zijn de drie besten van verschillende wedstrijden opgenomen.
Mijn verhaal Professioneel Geregeld werd 3e in de wedstrijd met het thema Passies. Verder staan in de bundel de winnende bijdragen van wedstrijden met de thema’s Inspiratie, Reizen, Aan een Geliefde en De Wereld die jou Wacht. Aangevuld met de best gewaardeerde bijdragen buiten de wedstrijden om.

 

Het boekje is voor 10 euro te koop op MonumentOfLife of direct bij mij.

 

 

Een nieuwe ochtend gloort

In het kader van de boekenweek organiseerde Opium TV de wedstrijd Zwarte Bladzijden, Gouden Randjes. Van de ruim 2500 inzendingen viel mijn verhaal net buiten de selectie :) Daarom kun je hem gewoon hier lezen.

Een nieuwe ochtend gloort

‘Ze komen eraan! De Volle Glorie is terug!’ klinkt een opgewonden kinderstemmetje voor Aagjes deur. Daar staat een van de buurjongens te springen en te juichen. ‘Vader is terug! Kom!’
Aagje roept vlug haar kinderen bij elkaar. Samen met de buurvrouw, Maria, snellen ze naar de kade, waar De Volle Glorie hun echtgenoten weer aan wal zal brengen. De buurkinderen zijn nauwelijks in bedwang te houden. Aagjes eigen kinderen hangen wat bedremmeld aan haar rokken. De jongste ligt zachtjes te jammeren in haar armen.


Op weg terug naar huis luisteren Aagje en de kinderen hoe hun buurman Frans zijn kinderen honderduit vertelt over zijn avonturen op zee. Met net zoveel enthousiasme maken zijn kinderen plannen voor de komende dagen. Aagje merkt dat haar buurvrouw nauwelijks interesse toont. Net als haar eigen man, Evert. Die sloft mee met zijn gezin alsof hij naar de galg wordt geleid. Aagje weet dat hij liever op zee zit, maar zou hij weten dat zijn gezin daar ook de voorkeur aan geeft?

 

Die nacht schrikt Aagje wakker. Ze weet niet waarvan, maar een angstig gevoel overvalt haar. Ze kijkt opzij naar haar snurkende echtgenoot en herinnert zich de vorige dag weer. Dat zal haar onbestemde gevoel wel verklaren; dat heeft ze altijd als Evert aan wal is. Hoe lang zal het zijn voor hij weer uitvaart?

Ineens hoort ze een gilletje. Vliegensvlug springt ze uit haar bed en rent naar de slaapkamer van de kinderen. Er is overal rook en ze ziet alleen maar schimmen van de kinderen, die allemaal door elkaar lijken te rennen. Waar rook is, is vuur!
‘Naar buiten, nu!’ roept Aagje naar haar kinderen. Ze rent naar de voordeur en zwaait die open. Ze ziet haar kinderen één voor één langs rennen. Ondertussen hoort ze Jacob, haar oudste, hard op de deur van de buren kloppen en schreeuwen. Tot haar opluchting komt als laatste haar oudste dochter naar buiten met de baby in haar armen. Gelukkig, ze zijn allemaal veilig.

Meteen rent ze naar de buren om daar te helpen. Ze ziet de meeste gezinsleden al buiten staan. Aagje ziet nu pas dat de huizen al helemaal in brand staan, terug naar binnen gaan is geen optie meer. Ze klampt Frans aan. ‘Is iedereen buiten?’ gilt ze.
Frans schudt langzaam zijn hoofd.
‘Wie?’ vraagt Aagje alleen maar.
‘Maria,’ mompelt hij. ‘Waar is Evert?’
Tot haar eigen verbazing had ze niet aan hem gedacht. Ze kijkt rond. Dan schudt ook zij haar hoofd. Vol ongeloof kijken ze naar hun huizen die gestaag in zwartgeblakerd puin veranderen.

Aagje voelt een handje aan haar rok trekken. Ze kijkt naar haar dochtertje. ‘Mamma, is pappa nu dood?’
Er springen tranen in Aagjes ogen terwijl ze ‘ja’ zegt. Haar kinderen kijken haar aan met blikken van ongeloof en verwarring. Aagje zoekt op hun gezichtjes naar verdriet, maar vindt het niet.
‘Wat moeten we nu?’ vraagt haar dochter.
Frans slaat een arm om zijn buurvrouw. ‘We zullen voor elkaar zorgen,’ zegt hij vastbesloten.