Baas boven baas

Dit was mijn inzending voor de Samsung-Orwell schrijfwedstrijd van Schrijvenonline. Aan deelnemers werd gevraagd een verhaal te schrijven van maximaal 1.000 woorden waarin een Samsung Galaxy Note tablet een rol speelt en dat een knipoog bevat naar de grote Britse schrijver George Orwell. Helaas voor dit verhaal geen plekje bij de genomineerden, dus deel ik ‘m hier.

Baas boven baasBig Brother is watching you

‘Dus je krijgt zomaar ineens een Samsung tablet cadeau van je baas?’ vraagt Marjorie voor de derde keer.
‘Ja, vreemd hè? De krenterigste man op deze planeet geeft ineens al zijn medewerkers een tablet,’ peinst Arthur.
‘Zouden ze niet helemaal legaal verkregen zijn?’
‘Zelfs als hij ze voor niks heeft gekregen, verbaast het me nog. Het lukt hem meestal niet eens om een complimentje te geven, en die kosten niks!’
‘Wat zeggen je collega’s ervan?’
‘Er zijn collega’s die het gewoon heel aardig vinden. Dat lijkt me wat naïef. Dan zijn er collega’s die dit een goedkope oplossing vinden, in vergelijking met die i-dingen die ze bij Haak & Groothuis aan alle medewerkers cadeau hebben gedaan. Henk riep meteen dat alle bouwvakkers gelijk zijn, maar die van Beense altijd een beetje minder gelijk dan anderen.’
Arthur laat de doos nog eens door zijn handen gaan.
‘Die ouwe Beense zou er toch niet een soort van spionage cameraatje opgezet hebben, hè?’
Marjorie schiet in de lach.
‘Jahoor, schat. Dat kan hij natuurlijk niet maken, hè?’
‘Tja, dat is natuurlijk tegen privacy wetten of zo, maar hij zou het zo proberen hoor. Je weet hoe hij over ons denkt, dat we allemaal domme sukkels zijn. En geef ‘m eens ongelijk. Zou ik het doorhebben als er een camera op deze… Samsung Galaxy Note zit?’ vraagt hij terwijl hij de tablet voorzichtig uit de doos tilt. ‘Ik weet niet eens hoe je ‘m aanzet.’
‘Misschien kan je ‘m maar beter niet aanzetten,’ zegt Marjorie vertwijfeld.
‘We laten Eric er morgen naar kijken.’
Arthur stop het apparaat snel weer terug in de doos.

Eric zit net bij zijn ouders aan tafel als zijn vader een doos naar hem toe schuift.
‘Heb ik van mijn baas gekregen,’ meldt hij.
‘Wauw, gaaf pa. Ik heb ook zo’n Galaxy, dat zijn superhandige dingen!’
‘Oh,’ zegt Marjorie verbaasd. ‘Maar minder goed dan die i-apparaten toch?’
‘Haha, nee joh, die zijn alleen maar duurder. Leuk, pa. Heb je er al een beetje mee gespeeld?’
‘Nee en dat ga ik niet doen ook! Kun jij kijken of er spionage dingen op staan?’
Eric kijkt zijn vader glazig aan. ‘Spionage dingen?’
‘Er zit een camera,’ Arthur wijst op de bovenrand van de tablet. ‘Misschien wordt alles gefilmd en direct naar mijn baas gestuurd!’
Eric wil lachen, maar ziet de serieuze gezichten van zijn ouders.
‘Dat lijkt me niet, pa,’ zegt hij. ‘Ik kijk wel even.’
Zijn vader knikt, terwijl Eric de tablet opstart.
‘Kijk, pa, hier kun je zien welke programma’s actief zijn. Geen spionage programma’s. Niks aan de hand.’
‘Weet je het zeker?’ vraagt Arthur achterdochtig.
‘Ja, pa,’ zucht Eric. ‘Je kunt ‘m gewoon gebruiken.’
‘Maar waar moet ik ‘m dan voor gebruiken?’
‘Wat is het wachtwoord van jullie draadloze internet?’ vraagt Eric.
Arthur kijkt naar Marjorie, die een laatje opentrekt en in een stapeltje papieren begint te rommelen. Ze overhandigt een briefje aan Eric, die hard in de lach schiet.
‘Het wachtwoord is ‘wachtwoord’? En jullie hebben een briefje nodig om dat te onthouden?’
Ze kijken hem verontwaardigd aan.
‘Je hebt tegenwoordig overal wachtwoorden voor. Het is niet bij te houden,’ moppert Arthur.
Gniffelend stelt Eric de internetverbinding in.
‘Ik zal je e-mail hierop instellen. Wat is je e-mailadres?’
Zijn vader bijt op zijn lip.
‘anieuwspraak@brambeense.nl?’ raadt Eric.
‘Oh ja! Maar dan met een punt. A punt Nieuwspraak. Hoe weet je dat?’
‘Ik weet alles, pa. Wachtwoord ‘wachtwoord’?’ vraagt hij er met een grijns achteraan.
‘Klopt.’
‘Echt? Pa! Elke idioot kan al jouw accounts hacken!’
‘Ach, dat zal wel meevallen,’ sust Marjorie, terwijl ze zich afvraagt wat hacken is en of dat erg is.

‘Kijk, hier is je inbox,’ laat Eric zien. ‘Je hebt een paar ongelezen mails.’
Hij overhandigt de tablet aan zijn vader. Die pakt ‘m onhandig aan en legt ‘m snel weer op tafel.
‘Wat heb ik voor mail dan?’
‘Pa,’ zucht Eric. ‘Dan ding is niet van glas hoor, gewoon tikken op wat je wil openen, heel simpel.’
‘Simpel,’ zijn vader bromt nog wat onverstaanbaar verder terwijl Eric de email opent.
‘Een email van Henk,’ leest hij voor. ‘Met als onderwerp ‘big brother’! Zo te zien heeft je collega Henk dezelfde waanideeën als jij.’
‘Wat schrijft ie dan verder?’ vraagt Arthur, alsof hij zelf niet op het scherm van de tablet kan kijken.
‘Krijg nou wat. Hij beweert dat hij een camera in het kantoor van jouw baas heeft geplaatst.’
‘Jahoor, echt Henk. De grootste praatjesmaker van heel Vreedam,’ lacht Arthur. ‘Gisteren wilde hij dat ding nog niet aannemen.’
‘Het ziet er naar uit dat hij de hele tablet, met draaiende camera, in het kantoor van Beense heeft verstopt,’ zegt Eric bewonderend. ‘Kijk!’
Hij draait de tablet zodat zijn ouders het beeld kunnen zien.
‘Verrek! Dat is Beense!’
‘Maar het is zaterdag,’ zegt Marjorie logisch.
‘Zouden het geen live-beelden zijn?’ vraagt Eric zich hardop af.
Ze zien op het scherm hoe meneer Beense een telefoongesprek voert. Eric zet het volume van de tablet zo hoog mogelijk.
‘Ja, ik kan nog steeds niet geloven dat ik het gedaan heb,’ horen ze hem zeggen. ‘Zo blij als kleine jochies in een snoepwinkel waren ze. Nou moeten ze hun koppen wel houden als er geen salarisverhoging komt dit jaar. En zullen ze hopelijk wat toeschietelijker zijn als ik ze vraag om met Kerst te werken.’
Hij pauzeert even. Eric en Marjorie kijken naar Arthur, die rood aanloopt. Beense gaat lachend verder.
‘Nee, natuurlijk hebben ze geen keus! Maar met een beetje geluk zijn ze nu welwillend. Haha! Ik ga maar meteen bellen, het is een flinke lijst! Mazzel!’
Ze zien hoe meneer Beense een telefoonnummer intoetst. Als de telefoon vlak naast Marjorie begint te rinkelen, springen ze alle drie op. Marjorie laat een nerveuze lach horen en mompelt ‘toeval’, voor ze de telefoon opneemt. Haar ogen worden groot als ze met haar hand over het mondstuk de telefoon doorgeeft aan Arthur terwijl ze ‘Beense’ fluistert.